Wat moet ik eten?

Stel jezelf de vraag: Waar heb jij op dit moment trek in?

Wat zou je eten als je alles mag eten? Misschien popt er een gerechtje op in je hoofd. Of komen meerdere voedingsmiddelen zomaar in gedachten. Misschien weet je wat er thuis in de koelkast ligt en waar je uit kunt kiezen. Of wat je op wilt maken, omdat het anders bederft. Misschien eet je iets buitenhuis omdat het goed past i.v.m. jouw planning van de dag. Allemaal prima keuzes, als jij datgene eet waar je zin in hebt.

Als je heel vaak op dieet bent geweest, kan het zijn dat dit niet meer vanzelfsprekend is. Door steeds een voedingsplan te volgen dat afwijkt van jouw behoeftes kan je lichaam een beetje in de war raken. Misschien ervaar je bijvoorbeeld wel fysieke honger, maar weet je gewoon niet wat je nou moet eten.

Let op: Als je net hebt gegeten (dus geen fysieke honger meer ervaart) maar wel behoefte hebt om te eten, heb je misschien wat anders nodig.

Als je vaak op dieet bent geweest en jezelf van alles hebt verboden -bijvoorbeeld patat – kun je er donder op zeggen, dat je lichaam keihard PATAAAAAT gilt, op het moment dat jij jezelf afvraagt wat je wilt eten. Of elk ander verboden waar, dat je jezelf hebt ontzegd omdat je denkt dat het slecht voor je is.

Door jezelf juist patat te gunnen, zal je uiteindelijk een meer gevarieerd behoeftepatroon ontdekken. En daarmee bedoel ik niet: jezelf af en toe een patatje toestaan. Ik bedoel dat je het net zo vaak mag eten als je wilt. Als ontbijt, lunch, avondeten, tussendoortje of de hele dag door. Als je het ALTIJD mag, zul je het niet als ‘de verboden vrucht’ ervaren. Dan gaat de sjeu er een beetje vanaf.

Hoe kom je erachter wat je (lichaam) wilt eten?

Geef jezelf een paar seconden de tijd om te ontdekken waar je trek in hebt. Hieronder een visualisatie oefening voor vrouwen die een hekel hebben aan visualisatie oefeningen.

Stel je voor hoe een bepaald voedingsmiddel smaakt in je mond. Denk bijvoorbeeld aan aardappelen, rijst, pasta, couscous, noedels, bladgroenten, peulvruchten, bieten, kool, vlees, vis, gevogelte, vegetarisch. Neem in gedachten een hap. Wat voel je in je lijf?Waar word je blij van? Voel je een HMMM LEKKER opkomen?

Vraag jezelf: Wil ik dit nu eten?

Als het geen HELL YEAH! is, dan is het een NO.
En als je het niet zeker weet, is het waarschijnlijk ook een NO.

Stel jezelf de volgende vragen en beeld je in hoe het smaakt.
Voel wat het idee met je doet.

  • Wil ik zoet, zout, pittig, zuur, hartig, qua smaak?
  • Wil ik mals, smeuïg, knapperige beetgaar qua textuur?
  • Wil ik warm, koud, lauw, bevroren of kamertemperatuur?

Waarvan word je warm van binnen en gaat je hartje sneller kloppen. Probeer eten te vinden dat daarop aansluit. Op internet zijn genoeg recepten te vinden als je eenmaal weet in welke richting je moet zoeken. Als je lichaam aangeeft aan dat het behoefte heeft aan een bepaald voedingsmiddel, vertrouw er dan op, dat dat de beste keuze is, voor dit moment. Ook al is het patat. En morgen ook patat. En de dag erna ook patat. Er komt heus een dag dat je weer trek krijgt in wat anders.

Patat verliest zo zijn charme. En jij krijgt zo de balans, die je van nature bezit, juist terug. Gun jezelf tijd en rust om je eten klaar te maken (indien mogelijk) en geniet met plezier van je eten.

Change will happen when you stop trying to change.

Lukt het niet meer om te lijnen… maar ook niet om jezelf te accepteren? Dan is mijn werkboek wat voor jou.

Schrijf je in voor e-mail updates en je ontvangt om de week een blog.